De laatste strohalm die het vertrek nog zo ver weg deed lijken, is geknakt. De wintersport in Zwitserland is voorbij. En nu staat er eigenlijk nog belachelijk weinig tussen ons en 16 januari in. Ja, een paar dagen. Nog geen drie weken. En gelukkig nog wel een paar feestjes.
De eerste afspraken voor 'daar' staan al in de agenda. De donderdag na onze aankomst mogen de jongens al aantreden voor hun toelatingstest op Garden - een school die weliswaar niet eerste staat op ons verlanglijstje, maar waar we de jongens voor de zekerheid toch maar hebben aangemeld. Je weet het nooit met die wachtlijsten... En de maandag daarna gaat Erik aan het werk. Meteen even op en neer naar Singapore - ze hebben niet voor niets gezegd dat er veel gereisd moet worden in zijn nieuwe functie.
De kriebels die we voor de wintersport maar heel af en toe voelden en dan vrij makkelijk weer konden wegstoppen onder een heleboel andere dingen die prioriteit hadden, hebben nu vrij spel. Er is een hoop te doen, en tegelijkertijd ook niet. Ik wil wel opruimen en inpakken, maar ik heb nog geen dozen. Ik wil mijn eerste column wel gaan schrijven, maar die hoeft volgende week pas af en wie weet hoe het dan allemaal voelt. Ik wil sommige mensen eigenlijk het liefst dagelijks vasthouden, knuffelen en vertellen hoe veel ik van ze hou - maar ik ga natuurlijk allerminst dood, dus ik hoef ook weer niet te overdrijven.
En zo hikken we er nog maar even verder tegenaan...