(uit De Gooi- en Eemlander van 9 oktober 2010)
Met een eeuwigdurende zomer en de lage kosten voor het levensonderhoud blijft er voor ons Nederlanders natuurlijk akelig weinig te mopperen over in Kuala Lumpur. Gelukkig hebben we de taxichauffeurs nog! Kan het erger dan in Amsterdam? Ja, dat kan – en nog veel erger ook.
Waar wij in het westen geneigd zijn te denken dat Aziaten zo heerlijk dienstbaar zijn, lijken de taxichauffeurs in Kuala Lumpur te denken dat hun klanten er voor hen zijn. Het is altijd maar de vraag of hij je mee wil nemen. Dat hangt helemaal af van het tijdstip van de dag, of hij slaap heeft, de verkeerssituatie op de wegen en het bedrag dat je wilt betalen. Natuurlijk staat er op iedere taxi een heel groot bord: ‘Dit is een taxi met een meter. Onderhandelen is strikt verboden’. Maar dat is puur voor de schijn. Van de tien taxi’s heeft er één een werkende meter. Bij vijf zit er wel een meter in, maar die doet het helemaal niet. En de rest weet niet eens wat een meter is. Een taxi kost hier helemaal niet veel en dus laten de meeste toeristen (en nieuwe expats) het onderhandelen er maar bij zitten. Ook omdat de kans vrij groot is dat je een taxichauffeur treft die niet of nauwelijks of onverstaanbaar Engels (lijkt) te spreken. Voor andere mensen is het een kwestie van principe geworden. ‘Ik bèn geen toerist, ik weet hoeveel het kost, probeer me niet af te zetten’. Dat kan er soms voor zorgen dat het even duurt voor je naar huis kunt, vooral als je op een toeristische plek als Chinatown een taxi probeert te vinden. Wij hebben die principes ook wel, behalve als het heel laat is, als we moe zijn of als we vinden dat de prijs die de chauffeur wil hebben niet te gek veel boven onze prijs ligt.
Goed, als je er uit bent, ga je in de taxi zitten. Ook dan is het altijd weer een verassing wat je aantreft. Alle taxi’s zijn Proton’s, de nationale auto van Maleisië. Nieuwe Proton’s zijn prima. Maar je hebt ze ook zonder vering, met allerlei kleedjes of met zwart folie op de ramen, wat er voor zorgt dat je geen zon in je gezicht krijgt, maar ook dat je niet kunt zien welke route ze nou weer nemen. We hebben één keer een taxi gehad die zo verschrikkelijk stonk dat het leek of hij als urinoir was gebruikt. En een taxi die alleen van buiten open kon. Verder hangt de muziekkeuze af van de leeftijd en het ras van de chauffeur. Rekening houden met zijn passagier? Ben je gek! Hij neuriet stoïcijns mee met zijn eigen Chinese, Arabische of Bollywood-deuntjes. Heel leerzaam, dat wel…
Van de week was ik tegen Nora, onze hulp, dus eens ouderwets Hollands over die akelige taxi’s aan het zeuren. Tot mijn verbazing knikte ze. ‘Slechte mensen, mem, die taxichauffeurs. Ze proberen ons zelfs af te zetten als we op weg zijn naar de kerk!’. Dus één ding moet je ze nageven: ze behandelen ons wel als echte Kuala Lumpianen!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten