
Het september-nummer ligt bij de drukker! Oké, het had zes dagen geleden al verzonden moeten worden, maar goed: deze keer zijn we toch al bijna twee weken eerder dan vorige maand. Als dat zo doorgaat, ligt het oktober-nummer daadwerkelijk begin oktober bij de lezers op de mat. Ik heb iedereen een feestje beloofd als we het voor elkaar krijgen!
Afgelopen week had ik onverwacht voor het eerst een sollicitatiegesprek. Niet dat ik alweer een nieuwe baan wilde, nee, er kwam iemand praten die bij ons wilde werken. Ik kreeg hem voorgeschoteld door onze 'senior manager' (vraag me niet waarom hij senior manager is en waarvan. Onze vormgeefster-die-geen-Engels-spreekt is 'head of graphics'. Ze is de enige vormgeefster). Eric heette de goede jongen, dus dat had hij mee. Hij wilde graag schrijven, kwam met een uitgebreid cv waar werkelijk alle baantjes op stonden die hij ooit een blauwe maandag had gedaan. Maar hij wilde niet full time schrijven en dus wilde de senior manager hem niet. Maar misschien kon ik hem gebruiken als freelancer? Erik kreeg dus een proefopdracht. Nou ja, twee. Een reisverhaal en een autorubriek. Lekker afwisselend. Van de senior manager zou Erik daar welgeteld een half uur voor krijgen. Van mij kreeg hij twee dagen. Erik was blij, ik vooral benieuwd.
Vandaag, een uur voor zijn deadline, kwamen de artikelen binnen. Punt voor Eric.Tot ik ging lezen. Het reisverhaal, over Parijs, begon goed. Lekker vlot. Hier en daar natuurlijk wel iets aan te merken, maar... Tot ik bij de vierde alinea kwam. Let wel, we hadden het dus al drie alinea's over Parijs, in Frankrijk, je-weet-wel. En in alinea vier stond ineens de zin 'Het Musée d'Orsay ligt in Parijs, Frankrijk'. Eh... ja, daar waren we dus al een tijdje. Hoezo
copy/paste? Cannot-lah! Tidak boleh!
Maar affijn, we hadden de autorubriek nog. Vol verwachting klopte mijn hart... maar helaas: daar was Eric z'n goede moed helemaal opgeraakt. Eén artikel met vijf zinnen achterelkaar die precies hetzelfde begonnen.
Eric werd het dus niet. Maar ja, hoe zeg je dat? Ik heb nog nooit iemand afgewezen voor een baan. Dat werd dus even lang puzzelen op een vriendelijk doch duidelijk mailtje. Met uitleg, voor het geval hij het nog een keer ergens anders wil proberen, dat wij tekstschrijvers weliswaar regelmatig verhalen bij elkaar sprokkelen uit allerlei verschillende bronnen, maar dat je het toch iedere keer helemaal opnieuw moet schrijven. En dat het wellicht de moeite loont om een verhaal nog even na te lezen voor je het inlevert.
Ik had nog niet op 'verzenden' gedrukt, of de baas stond voor m'n neus. Eric was de zoon van een vriend van hem - wat vond ik er precies van???
Geen opmerkingen:
Een reactie posten