donderdag 13 september 2012

Het lijkt wel easy, maar dat is het nie...


Dat schrijven, dat doe ik dus nu in het Engels. Dat is nogal eng. Babbelen in het Engels lukt erg goed, ik ratel bijna net zo hard als in het Nederlands - maar schrijven... Dat is een heel ander verhaal. Schrijven, dat gaat om nuances, om woorden die nét even iets anders betekenen, een heel precies gevoel uitdrukken. Kortom: hoe groter je vocabulaire, hoe beter. En ik ken best wel veel Engelse woorden. Maar vaak gewoon nog niet genoeg. Nou moet ik me natuurlijk niet aanstellen. Grof gezegd werk ik nog altijd voor een buurtblad en geen betere plek dan dat natuurlijk om in het 'klein' te oefenen. Maar ik wil het toch liever goed doen. Dat ik omringd word door mensen die over het algemeen niet bepaald native speakers zijn, helpt alleen niet zo goed. Ze missen net als ik vaak net die woorden waar ik naar smacht, maar die ik gewoon niet weet. En soms snappen ze me niet - maar ligt dat dan aan mijn gebrekkige Engels of aan dat van hen? Gelukkig heb ik Ruth, een collega-moeder van school, oud-journaliste en verschrikkelijk Brits. Een wandelend woordenboek met een geweldig (want verschrikkelijk Brits) gevoel voor humor - waar vind je dat? Nou, gewoon op het schoolplein dus. Bij haar bestaan er geen domme vragen, bij haar kan ik altijd proberen uit te leggen wat ik nou precies bedoel zonder dat ik daar de goede woorden voor weet - en, wonder boven wonder, uit die brei van vaagheden weet ze dan altijd precies dat eruit te pikken wat ik bedoel. Nu nog even zorgen dat mijn collega van de sales haar ook gaan raadplegen, want van een zin als 'free gifts to be win' gaan zelfs mijn non-native tenen krom staan.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten