(Uit De Gooi- en Eemlander van zaterdag 29 januari)
Ik ben eindelijk in een moskee geweest. Ik woon nu een jaar in Maleisië, een islamitisch land en ik had, tot vandaag, nooit een moskee van binnen gezien. Best gek. Tempels wel. Hindoetempels, Confucianistische tempels, Boeddhistische tempels… en kerken natuurlijk ook. Je kunt het zo gek niet bedenken of ik ben er wel binnen geweest. Maar een moskee… Om heel eerlijk te zijn: ik durfde niet. Ik kan er niet precies de vinger opleggen waarom niet. Omdat ik me niet welkom voelde als vrouw, omdat ik geen idee had wat er wel en niet kon en ik niemand voor het hoofd wilde stoten – of omdat het er gewoon zo stil is. In al die tempels waren meestal heel veel toeristen – maar voor de moskees was het vaak behoorlijk leeg. Een foto maken van de buitenkant, daar bleef het meestal bij. Ik was hartstikke nieuwsgierig, maar stap maar eens in je eentje naar binnen…
Tot één van de collega’s van de Museum Volunteers op het briljante plan kwam een rondleiding te organiseren door één van de grootste moskeeën van Kuala Lumpur: de Masjid Wilayah Persekutuan Kuala Lumpur – oftewel de officiële moskee van de staat waarin Kuala Lumpur ligt. Dat was natuurlijk een buitenkansje! Ook deze moskee kende ik wel, maar alleen van buiten. Hij staat ongeveer twee kilometer van ons huis, op de weg naar het stadscentrum. Ik ben er al minstens vijftig keer langsgereden, maar pas toen ik het hek binnenging, zag ik hoe gigantisch groot het was: 47.000 vierkante meter! Er is ruimte voor wel 17000 mensen!
Qua kleding was ik voorbereid: lange broek en shirt met lange mouwen, maar waar de schoenen precies uitmoesten en hoe je je hoofd bedekt houdt met een sjaal die er alleen maar af wil glijden… Gelukkig waren er minsten twintig anderen met dezelfde problemen en de zeven vrijwilligers die ons hielpen, deden heel lief of dat allemaal helemaal niet erg was. Onze officiële gids, een alleraardigste man met de volgens mij allerminst islamitische naam Bob, leidde ons naar de gigantische gebedsruimte met z’n koepel van dertig meter waar we ons konden vergapen aan enorme bewerkte houten deuren met sierlijke bloemmotieven, bewerkt marmer en geslepen glas. Ondertussen probeerde hij ons de beginselen van de Islam uit te leggen. En hij durfde zelfs een beetje kritisch te zijn. Waarna we, totaal onverwacht, werden getrakteerd op een lunch en een goodie bag. En we werden uitgezwaaid met de uitdrukkelijke uitnodiging vooral nog een keer terug te komen en mensen mee te nemen – want er zijn iedere dag tussen tien en zes vrijwilligers aanwezig om mensen rond te leiden.
Ik wou dat er meer Bob’s waren en meer van zijn collega’s. Ik denk dat de Islam wel een betere PR kan gebruiken. Dan had ik misschien al veel eerder naar binnen gedurfd – en anderen met mij. Alleen maar luisteren naar mensen (van weerskanten) die iedereen bang maken, daar doen we onszelf en anderen alleen maar mee tekort.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten